3. Tunisch haken: Rechte steek

Tunisch haken rechte steek

Tunisch haken: Rechte steek - Na de succesvolle tricotsteek van vorige week gaan we in les 3 verder met de rechte steek. De rechte steek geeft een leuk ribbelpatroon en gebruiken we in het vijfde en zesde lapje van onze vlaggenlijn. Lees snel verder voor de nieuwe instructie!

In de 3e les van de cursus tunisch haken gaan we aan de slag met de rechte steek. De schattige ribbels komen overeen met het patroon dat we uit het breien kennen en daarom noemen wij dit de tunisch gehaakte rechte steek.

Leuke weetjes over de tunische Rechte steek:

  • De eerste twee toeren van deze steek zijn gelijk aan de tunische basissteek.
  • De laatste steek wordt bij deze steek altijd gehaakt zoals bij de tunische basissteek. Hierdoor blijft je haakwerk aan de linkerzijde van het werk ook mooi recht.
  • Het is natuurlijk afhankelijk van je hand van haken, maar meestal gebruik je bij deze steek een grotere haaknaald dan aangegeven wordt op het garen.
  • De Tunische rechte steek lijkt op de rechte breisteek, het geeft dezelfde ribbels.
  • Bij tunisch haken is het fijn om garen te gebruiken waarvan de draad niet snel splijt.

Tunisch-haken-rechte-steek-haken

Wat heb je nodig?
Tunische haaknaald 5,5 mm
Phildar Phil Coton 4 kleur 68, 86, 78 en 58
Toerenteller

Wil je de slinger maken zoals wij die hebben gemaakt? Haak dan 2 vlaggetjes in de rechte steek:
1ste lapje: basiskleur 68 en het randje kleur 86
2de lapje: basiskleur 78 en het randje kleur 58

Tunisch haakpatroon rechte steek:

Start met een ketting van 14 lossen.

1ste toer:
Steek nu de haaknaald in de 2de losse vanaf de haaknaald. Om te bepalen wat nu de 2de losse is, kun je kijken waar je werkdraad uit komt. De losse waar je werkdraad uit
komt, die sla je over, de eerst volgende is de 2de losse vanaf de haaknaald. Steek in, maak een omslag met de haaknaald en neem de draad mee door de steek. Laat de omslag op je haaknaald staan. Je hebt nu 2 lussen op je haaknaald. * Steek in de volgende losse, maak een omslag met de haaknaald en neem de draad mee door de steek. Laat de omslag op je haaknaald staan *. Herhaal *tot*, tot het einde van de toer. In totaal heb je nu 14 lussen op je haaknaald staan.

2de toer:
Maak een omslag en haal de omslag door 1 lus op je haaknaald. * Maak een omslag en haal door 2 lussen op de haaknaald*. Herhaal *tot*, tot het einde van de toer tot je weer 1 lus op je haaknaald hebt staan.

3de toer:
Als je nu naar je steken kijkt zie je dat er allemaal verticale streepjes zijn ontstaan.
Sla het eerste verticale streepje over. Haal je werkdraad naar de voorzijde van je werk. Steek je haaknaald aan de voorzijde van het lapje van de rechterzijde onder het 2de verticale streepje door. Maak een omslag en haal de omslag on het streepje door zodat er een tweede lus op je haaknaald ontstaat. Doe dit bij alle verticale streepjes die je ziet. Zorg ervoor dat je werkdraad steeds aan de voorzijde is voor je in de steek insteekt. Doe dit bij alle verticale streepjes, tot je bij het laatste verticale streepje komt. Deze haak zoals bij de tunische basisteek. Door de laatste steek op deze manier in te steken, blijft je haakwerk aan de linkerzijde ook mooi recht.

4de toer:
Herhaal toer 2.

Om je lapje groter te haken wissel je toer 3 en 4 steeds af.
Voor ons vlaggetje voor deze cursus haken we in totaal 28 toeren.

29ste toer:
Als je nu naar je steken kijkt zie je dat er allemaal verticale streepjes zijn ontstaan.
Sla het eerste verticale streepje over. Steek je haaknaald aan de voorzijde van het lapje van de rechterzijde onder het 2de verticale streepje door. Maak een omslag en haal de omslag on het streepje door gelijk door de lus op je haaknaald. Je houdt 1 lus op je haaknaald. Herhaal dit tot het einde van de toer en haal de einddraad door de laatste lus op je haaknaald om af te sluiten.

Heb je les 2 van vorige week gemist? Bekijk hier de tweede les met de tunische tricotsteek. Of ga verder met les 4; de tunische steek met overgehaalde lussen.

Geef een reactie

3 reacties

Moment...